Veelgestelde vragen

Soms verschijnen er berichten in de pers die vragen kunnen oproepen bij mensen die een pensioen bij ons hebben (opgebouwd). Hieronder geven wij antwoord op de meest voorkomende vragen.

Waarom belegt Pensioenfonds Vervoer? Het is toch veel veiliger om te sparen? En hoeveel zie ik van mijn betaalde premie terug?

De rente is nu zo laag, dat sparen bijna geld kost in plaats van dat het geld oplevert. Bij beleggen wisselen de inkomsten en soms maak je verlies. Maar op de langere termijn verdien je meer. Door premies te beleggen hebben we van iedere euro die 15 jaar geleden is betaald, vandaag  drie euro kunnen maken. Dat zou nooit gelukt zijn door te sparen. Als we alleen maar zouden sparen, zouden de pensioenen veel lager zijn of zouden de premies meer dan verdubbeld moeten worden.

Mede door te beleggen is het vermogen van het Pensioenfonds Vervoer  gestegen van 7,9 miljard euro eind 2007 tot bijna 25 miljard euro eind 2017.

Gebruikt Pensioenfonds Vervoer rentederivaten?

Ja, ook Pensioenfonds Vervoer gebruikt rentederivaten. Derivaten gebruiken we om bijvoorbeeld het risico van een dalende rente af te dekken. Het werkt als een soort verzekering. Bij Pensioenfonds Vervoer zorgden de rentederivaten er in de afgelopen jaren voor dat we wat minder last hebben gehad van de sterk gedaalde rente.

Het gebruik van derivaten voor de afdekking van risico’s is voor pensioenfondsen, maar ook voor allerlei andere organisaties, waaronder overheden en overheidsinstellingen, in binnen- en buitenland ‘verstandig’, gezien de gevoeligheid van pensioenfondsen voor renteontwikkelingen. De toezichthouder van Pensioenfondsen (DNB) stelt minder hoge eisen (zo hoeven we minder reserves aan te houden) als we het renterisico afdekken met rentederivaten. De schandalen waarover de pers schreef, gingen erom dat derivaten niet zijn gebruikt om te verzekeren, maar om te speculeren. Ook kwam het voor dat ondeskundige partijen niet wisten wat de gevaren van derivaten zijn. Onze vermogensbeheerder heeft specialisten in huis om de inzet van derivaten nauw te volgen. Wij hebben ook onze eigen deskundigen en we laten voor alle zekerheid onze derivaten volgen door een onafhankelijke deskundige partij.

Wat betaalt Pensioenfonds Vervoer aan kosten voor de beleggingen?

We proberen een zo goed mogelijk rendement te behalen tegen zo laag mogelijke kosten. ‘Zo laag mogelijk’ betekent niet altijd ‘de laagste kosten’. Als we ergens kosten voor moeten maken, kijken we ook altijd naar wat het op kan leveren. 

De totale kosten van het vermogensbeheer van Pensioenfonds Vervoer staan in het jaarverslag. In 2017 bedroegen de kosten voor vermogensbeheer 0,36% van het gemiddelde vermogen. In 2016 was dit 0,31%. Dit is ongeveer gemiddeld vergeleken met andere pensioenfondsen van vergelijkbare grootte. Als je beleggingen koopt of verkoopt maak je ook ‘transactiekosten’. Deze bedroegen in 2017 0,12% van het gemiddelde vermogen dat belegd werd in dat jaar. In 2016 was dat 0,12%.

Het fonds heeft nog nooit zoveel geld gehad. Maar toch worden de pensioenen niet verhoogd (geïndexeerd). Hoe kan dat?

De afgelopen vijf jaar (2013 t/m 2017) hebben de beleggingen gemiddeld een rendement van 7,8% per jaar opgeleverd. Het rendement in 2014 bedroeg zelfs 27,6%. Dit is het hoogste rendement dat Pensioenfonds Vervoer tot nu toe heeft behaald.

Toch konden de pensioenen de afgelopen jaren niet verhoogd worden. Een belangrijke reden is de enorme stijging van de pensioenverplichtingen van het fonds. De ‘verplichtingen’ is het bedrag dat wij nu aan kapitaal moeten hebben, om alle pensioenen nu en in de toekomst te kunnen betalen.

De belangrijkste oorzaak van de stijging van de verplichtingen is de steeds lagere rente en de stijgende levensverwachting. De invloed van de rente zit als volgt in elkaar: Stel dat we volgend jaar iemand 1100 euro moeten betalen en de rente is 10%. Dan hoeven we nu maar 1000 euro te hebben om volgend jaar 1100 euro te kunnen betalen. We ‘verdienen’ immers nog 100 euro doordat we rente ontvangen. Als de rente daalt naar 2%, dan moeten we nu 1080 euro hebben. De invloed van de rente  wordt nog veel groter als je verder vooruit kijkt, zoals een pensioenfonds moet doen. Zouden we niet genoeg geld opzij leggen voor later, dan eten we nu de pot leeg ten koste van de jongeren.

De invloed van de gemiddelde levensverwachting kunnen we beter voorspellen. Het feit dat we langer leven is op zich natuurlijk goed nieuws. Maar het betekent ook dat we de pensioenen langer uit moeten keren. En dat geld moet ergens vandaan komen. Daarom houden we daar rekening mee in onze verplichtingen.

Begin 2015 waren onze verplichtingen ruim 18 miljard euro. Ze stegen naar 23 miljard euro eind 2017. Pensioenfondsen mogen niet indexeren als er minder dan 10% extra is aan reserves (dus als de dekkingsgraad lager is dan 110%). Deze buffer van 10% (2,3 miljard euro) is er niet. Er is dus niet genoeg geld om de pensioenen te kunnen verhogen.

Wat doet Pensioenfonds Vervoer om het risico dat we de pensioenen moeten verlagen zo klein mogelijk te houden?

Beleggen is verantwoord risico's nemen. Zonder risico's geen rendement. Pensioenfonds Vervoer houdt allerlei risico’s goed in de gaten. We kijken met welke risico’s we te maken hebben en hoe we de kans dat we geraakt worden door een risico zo klein mogelijk kunnen maken. Een lage rente heeft grote gevolgen voor ons (zie vraag 5 bij dit onderdeel). Daarom hebben we dit risico voor een groot deel afgedekt met rentederivaten (zie vraag 2 bij dit onderdeel).

Een ander belangrijk risico is het beleggingsrisico, dat we verkleinen door de beleggingen te spreiden. We stoppen niet alle eieren in één mandje. We kunnen het beleggingsrisico niet helemaal afdekken. Verantwoord risico nemen wordt op de lange termijn beloond met een hoger rendement dan wanneer we zouden sparen.

Hoeveel bedraagt de gemiddelde pensioenuitkering?

De groep werknemers die geboren is na 1949, 40 jaar in het vervoer heeft gewerkt en doorwerkt tot ze AOW ontvangt, krijgt tussen de 900 en de 1.100 euro netto pensioen per maand van Pensioenfonds Vervoer. Inclusief AOW is dat tussen de 1.700 en 1.900 euro netto per maand. De hoogte van het pensioen is natuurlijk afhankelijk van het aantal dienstjaren, salaris en overuren.

Wie geboren is voor 1950 heeft gemiddeld een lagere pensioenuitkering, maar heeft meestal een  VUT-uitkering of prepensioenuitkering ontvangen.