Regeling in het kort (incl. pensioenopbouw)

  • Werknemers bouwen vanaf hun 21e pensioen op, dat zij later – nadat zij met pensioen zijn gegaan - ontvangen.
  • De opbouw in een jaar is gebaseerd op het salaris dat een werknemer in dat jaar verdient (middelloonregeling).
  • U betaalt premie voor de opbouw van het pensioen en de verzekeringen. Een deel van deze premie houdt u in op het brutoloon van de werknemer (werknemersbijdrage).
  • Het pensioen wordt berekend alsof het ingaat als iemand 68 jaar wordt. 
  • Maar: uw werknemers kiezen zelf het moment waarop zij het pensioen laten ingaan. Op zijn vroegst is dat op hun 55e. Uiterlijk kunnen zij – met uw toestemming – 5 jaar nadat zij de AOW-leeftijd hebben bereikt met pensioen gaan.
  • U betaalt uiterlijk premie tot een werknemer 68 jaar wordt. 
  • Hoe eerder een werknemer het pensioen laat ingaan, hoe lager de pensioenuitkering wordt. Hoe later hij het pensioen laat ingaan, hoe hoger de pensioenuitkering wordt.
  • Een werknemer kan het pensioen laten ingaan en tegelijk parttime doorwerken en salaris verdienen. Het pensioen laten ingaan en stoppen met werken zijn twee verschillende dingen.
  • De partner van uw werknemer heeft recht op een partnerpensioen dat direct ingaat nadat de werknemer is overleden. Kinderen hebben tot hun 18e recht op wezenpensioen (of tot hun 27e als zij studeren).
  • U kunt uw werknemers aanvullende regelingen aanbieden.
  • Een complete beschrijving van het pensioenpakket vindt u in het Pensioen 1-2-3.
  • Log in om te zien welke regeling precies in uw sector geldig is.

Aanvullende regelingen:

Verzekering Tijdelijk Extra Partnerpensioen (heette vroeger ‘Anw-pensioen’)

Overlijdt een werknemer, dan kan het partnerpensioen voor de partner te laag zijn om van rond te komen. De verzekering ‘Tijdelijk Extra Partnerpensioen’ kan dan interessant zijn. Deze verzekering zorgt voor een uitkering aan de achterblijvende partner tot hij of zij een AOW-uitkering ontvangt. Als een werknemer u vraagt om een Tijdelijk Extra Partnerpensioen voor hem of haar te regelen, houdt u de premie hiervoor in op het loon en draagt u deze af aan het pensioenfonds. 

U kunt uw werknemer via het werkgeversportaal aanmelden voor het de verzekering. Meld de werknemer aan binnen drie maanden nadat hij of zij in dienst is gekomen, een geregistreerd partnerschap of een samenlevingsovereenkomst is aangegaan.  Besluit een werknemer later dat hij de verzekering wil afsluiten, dan kan hij of zij zichzelf aanmelden met een formulier

Bereken de premie op het werkgeversportaal. Kies Ánw-premie berekenen’ binnen het tabblad ‘werknemers’. De hoogte van de premie is afhankelijk van het bedrag dat de werknemer wil verzekeren. Pensioenfonds Vervoer maakt geen offertes voor uw werknemer.  

De premie voor de verzekering brengen we bij u in rekening. De werknemer betaalt deze premie, doordat u de premie inhoudt op het salaris. U kunt ervoor kiezen een deel van de premie in te houden en zelf een bijdrage te leveren.

Excedentpensioen

Standaard bouwt een werknemer een pensioen op dat is berekend op het salaris tot € 54.614 (bedrag 2018). Verdient een werknemer (bruto per jaar) meer, dan bouwt hij geen pensioen op dat is gebaseerd op het salaris hierboven.

U kunt uw werknemers collectief een excedentregeling aanbieden. Zij hebben vervolgens de keus deel te nemen aan deze regeling als zij meer verdienen dan het maximum salaris. Wie deelneemt, betaalt zelf de premie voor het opbouwen van een excedentpensioen. U bent vervolgens vrij eventueel (een deel van) de premie terug te betalen.

In 2018 is het opbouwpercentage in de excedentregeling 1,788% van het salaris tussen € 54.614 en € 105.075 (2018). 

Als u interesse heeft in het aanbieden van de excedentregeling, kunt u contact opnemen met de werkgeversdesk.

WIA-excedentpensioen

Als een werknemer langdurig ziek is, krijgt hij in principe na twee jaar – als hij arbeidsongeschikt wordt verklaard - een WIA-uitkering van de overheid. De WIA-uitkering is aan het maximum dagloon gebonden. Het WIA-excedentpensioen is een aanvullende uitkering (bovenop de WIA-uitkering van de overheid en de eventuele WIA-aanvulling door het pensioenfonds) en bedoeld voor werknemers die meer verdienen dan het maximum dagloon. Hierdoor vallen zij bij arbeidsongeschiktheid minder ver terug in inkomen.

De uitkering gaat in vanaf de eerste dag dat uw werknemer een WIA-uitkering ontvangt. De uitbetaling van het WIA-excedentpensioen eindigt als:

  • de (voormalige) werknemer minder dan 35% arbeidsongeschikt wordt verklaard door het UWV.
  • de eerste dag van de maand waarin de (voormalige) werknemer de AOW-leeftijd heeft bereikt.
  • de (voormalige) werknemer overlijdt.

Wilt u uw werknemers deze regeling aanbieden? Neem dan contact met ons op.